Terug

OAHW: Hanneke Creemers

Publicatiedatum: 3 maart 2022

 

Wat is je functie en met welk vakgebied/onderzoek hou je je bezig? 

Als universitair hoofddocent bij de vakgroep Forensische Orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam (afdeling Pedagogische en Onderwijswetenschappen) geef ik les en doe ik onderzoek, beide met een duidelijke link naar de klinische praktijk. In de master Forensische Orthopedagogiek leer ik onze studenten over forensische diagnostiek en behandeling en begeleid ik klinische stages en masterscripties. De rode draad in mijn onderzoek is het zoeken naar methoden (voor screening, diagnostiek en behandeling) die kunnen werken bij jongeren en gezinnen in de forensische zorg, en het willen begrijpen van de mechanismen waardoor ze werken.

Wat houdt je KFZ-Jeugd project in?

Mijn KFZ-J project richt zich op de doorontwikkeling, toepasbaarheid en meerwaarde van een nieuwe screeningsmethode waarbij virtual reality ingezet wordt, ‘What’s Up?’ genaamd. Deze methode ontwikkelden we binnen een eerder project en is bedoeld om de geneigdheid tot agressie en de achtergrond daarvan te meten. Tijdens het assessment wordt een jongere in virtual reality blootgesteld aan een aantal sociale situaties, waarbij zijn/haar reactie geobserveerd wordt, de fysiologische reactie (hartslag(variabiliteit)) gemonitord wordt, en de jongere vragen beantwoordt over de achtergrond van de reactie. Samen met drie praktijkpartners onderzoeken we wat jongeren en professionals van deze manier van screening vinden, of het van meerwaarde is ten opzichte van informatie die al verzameld wordt in de diagnostiekfase, en wat belangrijk is voor implementatie in de praktijk.

Wat hoop je te bereiken met je project en wat kan het veld met dit onderzoek? 

Vragenlijsten en gesprekken vereisen vaak een bepaalde mate van leesvaardigheid en/of reflectief vermogen en geven een groot risico op sociaal wenselijk antwoorden. Met What’s Up? beogen we een methode te ontwikkelen die beter aansluit bij de werkelijkheid en de belevingswereld van jongeren en met een kleinere kans op social desirability bias. Hiermee kan het assessment informatie opleveren waarmee de behandeling nog beter kan worden afgestemd op de individuele jongere, wat de effectiviteit van de behandeling ten goede zal komen. Door dit project hopen we daarnaast goed zicht te krijgen op de implementatie van een assessment als dit in de praktijk, zodat aandachtspunten duidelijk worden en hierop zo goed en tijdig mogelijk ingespeeld kan worden.

Leuk weetje:

In 2020 hebben we de eerste versie van What’s Up? gepilot in een JJI. De meeste (van de 29 deelnemende) jongeren vonden de VR screeningsomgeving realistisch en gaven aan te reageren zoals ze in het alledaagse leven buiten de jeugdinrichting ook zouden doen.